3) Stel de juiste verbindingen tussen de digitale interface E.ADAPT en de stuurkaart van het
bedieningspaneel van het zwembad vast.
De ingangen van 7 tot en met 11 van E.ADAPT komen overeen met de ingangen IN0 – IN4 van
E.SWIM waarmee het starten/stoppen van de pomp (IN0) wordt bestuurd, en de snelheden van
X1 tot X4 waarvan de waarde en modus (Constant debiet of Constante snelheid) kunnen
worden geconfigureerd.
Klem 12 van E.ADAPT is de gemeenschappelijke.
Als er meer dan één ingang actief is, heeft het hoogste ingangsnummer de prioriteit (11 gaat
voor 10 etc.).
4) Sluit de verbindingskabel aan op de E.SWIM-pomp:
NEDERLANDS
-
KABEL
.
CONNECTOR
E
ADAPT
.
E
SWIM
1– ROOD
6
2 - BRUIN
5
3 - ZWART
4
E.SWIM
E.ADAPT
IN0
7
IN1
8
IN2
9
IN3
10
IN4
11
Aansluitschema
17
BESCHR
A (+)
B (-)
COM
BESCHR
START/STOP
X1
X2
X3
X4