Bedieningsinstructies
De functie Ventilatiesnelheid gebruiken
De ventilatiesnelheid aanpassen
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop FAN SPEED om de
ventilatiesnelheid aan te passen.
De functie luchtstroomrichting gebruiken
Regelaar luchtstroomrichting
omhoog/omlaag (optioneel)
De luchtstroom omhoog/omlaag (verticale luchtstroom)
kan worden gewijzigd met behulp van de
afstandsbediening.
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk op de knop
• De lamellen gaan omhoog en omlaag.
3
Druk nog een keer op knop
jaloezie op de gewenste luchtstroomrichting in te
stellen.
OPMERKING
• Als u op de knop
luchtstroomrichting automatisch volgens de
Automatisch zwenk-algoritme veranderd om de
lucht in de kamer gelijkmatig te verdelen en het
tegelijk voor de kamergebruiker zo aangenaam
mogelijk te maken, alsof hij of zij van een
natuurlijke bries geniet.
• Gebruik altijd de afstandsbediening om de
luchtstroomrichting omhoog/omlaag te wijzigen.
De airconditioner kan beschadigd raken als de
lamellen voor de verticale luchtstroomrichting
handmatig worden aangepast.
• Wanneer het apparaat wordt uitgeschakeld, zullen
de lamellen voor de luchtstroomrichting
omhoog/omlaag automatisch de
luchtinlaatventilator van het systeem sluiten.
• Sommige functies kunnen afhankelijk van het
model niet ondersteund zijn.
16 eenheid binnenshuis
.
om de verticale
drukt, wordt de horizontale
OPMERKING
• Het menu-item kan mogelijk niet worden
geselecteerd volgens de productfunctie.
• Dit kenmerk kan gewijzigd zijn afhankelijk van het
type model.
Regelaar luchtstroomrichting
links/rechts (optioneel)
De luchtstroom rechts/links (horizontale luchtstroom)
kan worden gewijzigd met behulp van de
afstandsbediening.
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk op de knop
• De lamellen gaan naar links en rechts.
3
Druk nog een keer op knop
horizontale jaloezie op de gewenste
luchtstroomrichting in te stellen.
OPMERKING
• Sommige functies kunnen afhankelijk van het
model niet ondersteund zijn.
.
om de